Recensie: ‘Het Wijde Land’ door De Theatercompagnie

Tijdens Het Wijde Land moest ik onwillekeurig denken aan Closer van Patrick Marber. Dit populaire stuk, dit seizoen nog gespeeld door Het Nationale Toneel en een paar jaar geleden verfilmd, heeft grofweg hetzelfde thema -huwelijksmoraal, ontrouw en eerlijkheid- en de openhartigheid van de personages is net zo bijtend en pijnlijk. Maar Arthur Schnitzler’s stuk dateert uit 1911, en toch is het minstens zo modern en relevant.

Die ontdekking is geheel de verdienste van regisseur Theu Boermans die opnieuw een heldere regie aflevert in een voorstelling die verder kampt met de nodige onvolkomenheden.

De zelfmoord van een jonge pianist zet het huwelijk van gloeilampenfabrikant Frederik Hofreiter (Mark Rietman) en zijn vrouw Genia (Anneke Blok) op scherp. Heeft hij zich van kant gemaakt omdat Genia hem afgewezen heeft, omdat ze trouw wil zijn aan haar man? Dat vindt Hofreiter onbegrijpelijk: “Dat jouw deugdzaamheid een mens de dood in heeft gedreven, dat vind ik gewoon akelig.” Bovendien: als zij een minnaar heeft, geeft hem dat meer ruimte voor zijn eigen avontuurtjes.

Rondom de twee hoofpersonen schetst Boermans met de talloze personages uit het stuk een rijk, burgerlijk milieu met open relaties, waarin eerlijkheid belangrijker is dan trouw en mensen hun tijd verdoen met tennis, bergbeklimmen, zweverige mystiek en patserige auto’s. Het zijn vrije en individualistische mensen, losgebroken uit hun sociale en morele ketens.

In die zin is Het Wijde Land een vervolg op Don Carlos die Boermans vorig seizoen maakte. Daarin toonde hij de last van het individu onder een loodzware moraal. In Het Wijde Land wordt de moraal geheel afgewezen en zijn de personages allemaal op zoek naar zelfontplooiing. Hofreiter en zijn vrouw zijn de enigen die nog tot gevoel in staat zijn, maar ze weten niet hoe ze met de gevolgen moeten omgaan. Ze gebruiken in hun gesprekken nog de melodramatische formules van de burgerlijkheid, maar de manier van praten is licht; soms vlak, soms vol ironie en spot.

Die toon is de kracht, maar ook de zwakte van deze voorstelling. Vooral in de eerste helft is het een parade van feestjes, sociale gebeurtenissen en ontmoetingen. Maar liefst achttien acteurs staan op het podium, sommigen van wie erg goed zijn (speciaal Jappe Claes en Leny Breederveld), maar ze spelen slechts in een paar scènes en hebben weinig te doen.

Helaas werd de première geplaagd door gebrek aan spanning en veel tekstfouten, wat de toch al drieëneenhalf uur durende voorstelling een lange zit maakte. Het pakt vooral problematisch uit voor hoofdrolspelers Rietman en Blok. De voorstelling zal gedurende de tournee nog wel scherper worden, maar vooralsnog wordt hun tragiek maar niet voelbaar.

Het Wijde Land door De Theatercompagnie. Gezien 23/2/07 in de Stadsschouwburg. Aldaar nog op 18 en 19/3, tournee t/m 26/4. Meer info op www.theatercompagnie.nl

Recensie: ‘Neerlantis’ van Theatergroep Com.Plot

Parool,recensies — simber op 18 februari 2007 om 14:51 uur
tags: , , ,

Com.Plot is een van de jonge theatergroepen die consequent probeert de actualiteit haar voorstellingen in te slepen. Nu heeft de groep van de actrices Rosa Knaup en Naná de Graaff een echte primeur. Neerlantis is waarschijnlijk de eerste Nederlandse voorstelling over klimaatverandering. Of er veel meer volgen is nog maar de vraag. Klimaatverandering blijkt een onderwerp dat moeilijk theatraal te verbeelden is, en schrijver Paul Pouveur is er duidelijk niet uitgekomen.

De anders zo poëtische Belgische toneelauteur komt met een mager verhaaltje over twee vriendinnen die elkaar niet kunnen uitstaan op een regenachtige klif in Schotland. Ze hebben zinloze gesprekken (zo noemen ze het tenminste zelf) en maken ruzie omdat de een de eigenaresse van de door de ander met zorg op melancholisch gehalte uitgezochte Bed and Breakfast heeft uitgescholden, omdat haar hondje er niet in mag. Een hondje overigens dat Lucien heet, net zoals haar verloofde, die ze weer van haar vriendin heeft afgepakt.

Vooraf is er nog een sketch van twee eencellige wezens, miljoenen jaren terug in de evolutie, erna volgt nog een scène van twee vrouwen op een door een tsunami overspoeld strand. Het decor is iets concreter: een vloer die overloopt in achterwand is een grafiek met steil oplopende lijnen van gemiddelde temperaturen of zeespiegels. De nullijn ligt ongeveer op borsthoogte voor de speelsters. Samen met de voice-over die in krantenstijl vertelt over de opwarmende aarde en een omslag in de zeestromen rondom Europa vormt het de achtergrond voor de stompzinnigheid van de twee personages. Kortzichtigheid in het zicht van een ramp zou een thema kunnen zijn, maar het is allemaal te vaag en te ver weg.

Op zich kan een zo abstracte benadering van een maatschappelijk onderwerp heel goed werken, maar in dit stuk wil de gekozen vorm maar niet boeien. Bovendien is rondom de voorstelling een randprogramma samengesteld, met een tentoonstelling gemaakt door het KNMI, documentaires van Frans Bromet en Jos de Putter en debatten over hoe kunstenaars zich moeten verhouden tot de klimaatverandering. Zo’n informatieve verankering vraagt om een voorstelling waarin iets zinnigs wordt bijgedragen aan de discussie.

Het is jammer dat dat niet is gelukt, want Knaup en De Graaff zijn intelligente actrices die in eerdere voorstellingen juist in staat bleken om prikkelende visies op maatschappelijke onderwerpen weer te geven. Maar noch zij noch gastregisseur Titus Muizelaar weten zich raad met dit armoedige stuk.

Neerlantis (No dogs allowed) van Theatergroep Com.Plot. Gezien 16/2/07 in Haarlem. Te zien in Amsterdam (Bellevue) 19 t/m 21/4. Meer info op www.tgcomplot.nl

8 vragen over de nieuwe fondsstructuur

beschouwingen,cultuurbeleid,Theatermaker — simber op 17 februari 2007 om 21:18 uur
tags: ,

In de TM van december werd op deze plek het voorgestelde nieuwe cultuurstelsel besproken, inclusief de haken en ogen. Begin december kwam het rapport van de Commissie Alons uit, waarin een nieuwe structuur voor de podiumkunstfondsen werd voorgesteld. Wat houdt het plan van de Commissie Alons nu precies in, hoe zijn de reacties uit het veld, en zijn nu alle onduidelijkheden opgelost? Robbert van Heuven en Simon van den Berg gaan op zoek naar antwoorden.

1. Wat is die Commissie Alons waar iedereen het de hele tijd over heeft?

Het ministerie van OCW en de drie huidige fonden voor de podiumkunsten FAPK (Fonds voor Amateurkunst en Podiumkunsten), FPPM (Fonds voor Podiumprogrammering en Marketing) en FST (Fonds Scheppende Toonkunst) hebben Carel Alons, directeur van het Ro Theater, opdracht gegeven om met een commissie te adviseren over een nieuwe fondsstructuur die nodig is door de herziening van het subsidiestelsel in de podiumkunsten. In de commissie zaten naast Alons Stan Paardekooper (van het FST), Hans van Maanen (Hoogleraar Kunst en Maatschappij in Groningen), Nico van der Spek (bestuurslid FPPM) en Laurien Saraber (zelfstandig onderzoeker en adviseur)

Zoals van te voren werd verwacht heeft de Commissie Alons geadviseerd om één fonds voor alle podiumkunsten op te richten. Dit fonds voor muziek, theater en dans moet de huidige fondsen vervangen. Daarbij adviseert de commissie om binnen dit ene fonds de verschillende disciplines duidelijk zichtbaar te houden, onder andere door het te laten besturen door een driemanschap van directeuren: een voorzitter van het bestuur die over zakelijke aspecten gaat, een directielid voor muziek en een directielid voor dans en theater.

Continue reading “8 vragen over de nieuwe fondsstructuur” »

Gezien: 100% Theater = 100% Leugen

Sommige theatergroepen zijn net popbandjes. Nieuw West bijvoorbeeld, dat is een recalcitrant punkbandje met Marien Jongewaard als charismatisch frontman. Theater Kikker organiseerde in december het minifestival 100% Theater = 100% Leugen als eerbetoon aan hun werk, waarbij jonge theatergroepen de teksten van Nieuw West, opgetekend door Rob de Graaf, als een soort cover-versies uitvoerde; het theatrale equivalent van een tribute album.

De Utrechtse toneelschoolstudent Guido Pollemans deed in zijn versie van A Hard Day’s Night een niet onverdienstelijke imitatie van Jongewaard, maar ondanks zijn bravoure stak het wat bleekjes af bij the real thing, wat het publiek op de in het café afgespeelde video’s nog even kon nakijken. De rest van de avond, tijdens voorstellingen van jonge theatergroepen Opium voor het Volk en De Warme Winkel, kwamen steeds dezelfde elementen terug. De fascinatie voor messen en zelfmutilatie; geweld tegen burgerlijkheid en de consumptiemaatschappij; harde humor die een inkijkje geeft in een wereldbeeld van über- en untermenschen.

Toch blijken juist de stukken van Rob de Graaf, hoe sterk ze ook zijn, zozeer verbonden met de de persoonlijkheid van Jongewaard als uitvoerende, dat de woorden uit andere -jongere, naïevere- monden hun waarachtigheid voor een goed deel verliezen. Maar misschien ging het bij Nieuw West ook niet om de vorm of om de tekst: Nieuw West is een state of mind, door Marien Jongewaard onlangs in de Volkskrant nog eens kernachtig samengevat als: “Als we de vloer opgaan, hebben we geen binding. Geen sociale binding, geen binding met onze eigen ideeën, zelfs: je bent een autonoom figuur.”

Het is een instelling die een zeker gevaar en onverantwoordelijkheid met zich meebrengt en juist dat mist Jongewaard bij de huidige generatie theatermakers. In hun versie van Maria Boodschap formuleert het jonge gezelschap Opium voor het Volk daarop voorzichtig een antwoord. Opium voor het Volk bestaat uit de schrijvers Tom Helmer en Willem de Vlam en door samen met actrice Kristen Denkers zelf in al hun onbeholpenheid op het podium te gaan staan zoeken ze doelbewust de ongemakkelijkheid en de gêne op die het werk Nieuw West ook regelmatig kenmerkt.

Tenslotte ging De Warme Winkel aan de hand van Neanderdal op zoek naar de hardheid en het cynisme van Nieuw West. Het Maastrichtse gezelschap rond Jeroen de Man en Vincent Rietveld oogste deze zomer al op de zomerfestivals positieve kritieken met hun staaltje publieksbeschimping Totaal Thomas en leefde zich hier uit in blote mannen-scènes, een uitgebreide bespreking van het budget voor dit project uitmondend in de uitnodiging aan het publiek om eieren gooien naar een speciaal opgetrommelde “kansarme” jongere, een vmbo leerling. Jongewaard zelf is de eerste, enthousiaste werper. Als we klaar zijn vertelt de jongere nog een paar harde racistische grappen.

Het choqueren is hier meer doel dan middel, maar De Warme Winkel weet wel te ergeren en dat lijkt me bij een Nieuw West-hommage toch zeker de bedoeling. Nieuw West heeft immers altijd de grenzen van het theater opgezocht, onder andere door bij het publiek reacties op te roepen die normaal gesproken door theatermakers vermeden worden. Dat blijkt iets wat jongere theatermakers ook nog wel kunnen, al lijken ze soms onzeker of ze het wel willen. Want bij Nieuw West staat het regelmatig voorkomende geëtter altijd in dienst van iets groters: niets minder dan ruimte scheppen voor een betere, vrijere wereld.

Voor de jongere generatie is dat een te abstract idealisme. Zij zijn sceptisch over de maakbaarheid van de samenleving en pragmatisch in hun oplossingen. Maar hun bewondering voor de autonomie en de overtuiging van Nieuw West is oprecht.

Gezien: 100% Theater = 100% Leugen
20 december 2006, Theater Kikker, Utrecht

Recensie: ‘Brokeback Mountain’ door De Wetten van Kepler

Bij De Wetten van Kepler zullen ze met gemengde gevoelens terugkijken op de afgelopen anderhalf jaar. Net nadat regisseur Jos van Kan een prachtig kort verhaal over twee verliefde cowboys van Annie Proulx had ontdekt dat hij graag op het toneel wilde zetten, bleek Ang Lee er in Hollywood een film van hebben gemaakt die na het winnen van de Gouden Leeuw in Venetië een zegetocht langs filmfestivals en prijzengala;s begon. Bovendien werd Brokeback Mountain een popcultureel fenomeen, wat onder andere tot uiting kwam in de talloze parodieën die op YouTube verschenen, waarin op de filmmuziek van Gustavo Santaolalla de homoseksuele subtext van Back to the Future en Top Gun werd uitgeplozen.

Wat moet je dan nog als toneelgezelschap? Meesurfen op de bekendheid van de titel, of juist vasthouden aan je eigen visie? De Wetten van Kepler kiest voor een beetje van beide: “Wereldtoneelpremiëre” meldt het persbericht trots, maar tegelijkertijd doet Van Kan veel moeite om uit te leggen dat de voorstelling een bewerking is van Proulx’ verhaal en niet van de film. Dat blijkt vooral uit het vertellende karakter van deze sobere voorstelling. De twee acteurs Willem Schouten en Sieger Sloot vertellen het verhaal en schieten waar nodig in de rollen van schaapherders Ennis en Jack die op een eenzame berg in Wyoming in de jaren zestig hun even onstuimige als onmogelijke liefde beleven.

Omdat de acteurs zowel de bespiegelende binnenkant als de ruige buitenkant van hun personages tonen blijft de voorstelling meer beschouwend dan meespelend. Schouten en Sloot houden de vaart en spanning van het verhaal knap vast en weten stoere cowboy-poses doelmatig in te zetten, maar hebben te weinig chemie om de ruige romantiek geloofwaardig te maken.

Problematischer is de muziek. Wiebe Gotink componeerde countryliedjes voor accordeon, voor de teksten worden Engelse zinnen uit het verhaal geplukt. Het zware accent van de zingende acteurs versterkt de nogal onbeholpen indruk. Beter geslaagd zijn de filmbeelden die gelukkig niet de weidse landschappen proberen te herscheppen, maar juist inzoomen op de details, een ansichtkaart in de wind, schapen en spijkerbloezen en de vrouw van Ennis (een stille cameo van actrice Wendell Jaspers) die al snel alles door heeft.

Uiteindelijk wordt de voorstelling, ondanks de paar mindere elementen, op de been gehouden door de kracht van Proulx’ verhaal en de sobere stijl. Maar toch: als de film niet bestond zou dit een betere voorstelling zijn.

Brokeback Mountain door De Wetten van Kepler. Gezien 9/2 in Den Bosch. In Amsterdam (Frascati) 16 t/m 19/2, tournee t/m 31/3. Meer info op www.wettenvankepler.nl

Reblog this post [with Zemanta]

Recensie: Fortuyn door Helmert Woudenberg

Parool,recensies — simber op 5 februari 2007 om 09:30 uur
tags: , ,

De geest van Pim zweeft al enige tijd boven het theater. De maatschappelijke onrust die ontstond naar aanleiding van de moorden op Fortuyn en Theo van Gogh levert al enkele seizoenen voorstellingen op die de verwarde situatie van Nederland proberen te vatten. Helmert Woudenberg gaat -na solovoorstellingen over Jezus en de zonen van Jakob- op zoek naar persoon Fortuyn. In een magistrale monoloog maakt hij van de icoon weer een mens, zonder de bewondering en de minachting uit het oog te verliezen die vele Nederlanders voor hem voelen.

Woudenberg heeft hiervoor niet meer nodig dan een rood vlak op de vloer, één stoel en een tafeltje met een glaasje water. De voorstelling begint plompverloren met een bepalende jeugdherinnering over hoe hij als jongetje wordt mishandeld door een leraar. Per scène begint Woudenberg ontspannen vertellend, maar langzaam maar zeker bouwt hij met mimiek, taalgebruik en die kenmerkende trage staccato dictie aan het personage Fortuyn. Dan loopt hij een beetje een koddig rondje op de vloer en begint hij weer opnieuw, alleen een tikje intenser.

Het is fascinerend om de beheersing te zien waarmee Woudenberg dit proces keer op keer herhaalt. Langzaam komt door de verhalen die hij vertelt -via herinneringen aan zijn sterke moeder Toos, die familie, gezag en de kerk trosteerde, aan zijn eerste seksuele ervaringen, zijn werk aan de universiteit in Groningen- de bekende Fortuyn scherper in beeld. En als we aankomen bij de overbekende citaten en de gebeurtenissen die we herkennen van televisie, wordt de gelijkenis tussen speler en personage griezelig groot.

Het is interessant om de uitspraken van Fortuyn (“De islam is een achterlijke cultuur”) nu op deze manier te horen. Ze klinken niet meer schokkend of fris, maar de hardheid en de bijtende agressie erachter vallen ineens op. Het is al eerder beweerd dat Fortuyn’s afkeer van de islam voortkwam uit een in zijn jeugd opgebouwde haat tegen alles wat religieus is, maar Woudenberg weet het met enkele sprekende voorbeelde overtuigend neer te zetten.

Toch blijft een deel van het mysterie Fortuyn intact. Het meest ongrijpbare is en blijft hoe die toch wat kleinzielige socioloog, wiens dromen niet veel verder reikten dan macht over een subfaculteit in een afgelegen universiteitsstad, plotseling een politiek leider werd met messiaanse uitstraling.

Als hij spreekt over zijn laatste grote liefde Arie is hij gepassioneerd en eerlijk. De overdreven fatterigheid en het engelstalige old boys-jargon horen volgens Woudenberg geheel bij zijn publieke persona, bij het spel dat hij tot het abrupte einde met intens genoegen speelde.

Fortuyn door Helmert Woudenberg, Theaterbureau Grünfeld. Gezien 2/2/07 in Amstelveen, in Amsterdam: 10/2 (Meervaart) 27 en 28/3 (Bellevue), tournee t/m 15/5. Meer info op www.grunfeld.nl

This work is licensed under a Creative Commons Attribution-Noncommercial-Share Alike 3.0 Unported License.
(c) 2017 Simber | powered by WordPress with Barecity