De Aangever: interview met Willem de Wolf

interviews,Theatermaker — simber op 14 november 2009 om 19:24 uur
tags:

Tijdens het jaarlijkse toneelprijzengala afgelopen september was hij de meest bedankte man van de avond, geprezen door zowel Louis d’Or-winnaar Bert Luppes als Theo d’Or-winnares Lineke Rijxman. Eerder op de avond won zijn oude maat Ton Kas de Mimeprijs. Zo’n rol –aanwezig, maar net buiten het voetlicht- lijkt kenmerkend voor theatermaker Willem de Wolf. “Ik heb sterk de behoefte aan iemand die de knopen doorhakt

Het afgelopen seizoen speelde Willem de Wolf in drie van meest geprezen voorstellingen die te zien waren. Als aanstichter van We hebben een/het boek (niet) gelezen, een voorstelling in ontwikkeling van de informele acteursgroep van De Wolf met Peter van den Eede, Damiaan Deschrijver, Matthias de Koning, Gillis Biesheuvel en Sara de Roo. Als acteur bij het Onafhankelijk Toneel waar hij meespeelde in De Geit of Wie is Sylvia?, met Luppes als medespeler. Tenslotte samen met Lineke Rijxman als spelende maker van Hannah en Martin van Mugmetdegoudentand. En dan is hij ook nog de schrijver van Bazel, dat in de uitvoering van Dood Paard in kunstgaleries door het land speelde.

Je lijkt ineens overal aanwezig, na een periode relatieve stilte. Wat is er gebeurd na het intrekken van de subsidie voor Kas & De Wolf in 2005?

“Dat negatieve advies van de Raad voor Cultuur heeft er stevig ingehakt. Niet alleen krijg je geen geld meer, maar in een klap wordt ook de continue ontwikkeling van je thematiek je ontnomen. Hoe leuk prijzen en commissies en jury’s ook zijn, er is maar één beoordeling die er echt toe doet en dat is je vierjarige subsidieaanvraag. Kas & De Wolf heeft uiteindelijk één periode in het Kunstenplan gezeten. In die vier jaar waren we drie keer genomineerd voor de mimeprijs, en na afloop werden we er meteen uitgegooid.”

“Wat me enorm stak was dat in de afwijzing niet één positief woord stond over twintig jaar Kas & de Wolf. Terwijl ik vind dat we eind jaren 80 begin jaren 90 echt special waren. Sowieso vond in het Nederlandse toneel in de jaren negentig echte vernieuwing plaats. Dat kwam door Jan Joris Lamers. Zijn manier van spelen, ensceneren en repertoirekeuze was echt ongekend.”

“Mijn eerste reactie na die afwijzing was: mij zien ze niet meer terug. Ik ben gaan studeren. Duitse taal en cultuur. Dat was iets wat ik al wilde toen ik achttien was, maar toen vond ik toneelspelen toch leuker. In die colleges Duits, vooral die van Theo Kramer over literatuur en filosofie, werden echter steeds dingen behandeld waar ik iets mee wilde doen in het theater. Zijn en Tijd van Heidegger en De Toverberg van Mann bijvoorbeeld. De voorstelling We hebben een/het boek (niet) gelezen, een bewerking van De Toverberg, was zonder die studie niet tot stand gekomen.”

“Tijdens die studie kwam ik in het freelance-leven terecht. Joan Nederlof vroeg me om een 6-jarig kind te spelen in Quality Time van Mugmetdegoudentand en Matthias de Koning had het idee dat ik mee moest doen met het losse gezelschap van Peter van den Eede en de andere jongens.”

Wat is dat voor club?

“Het is begonnen met de samenwerking tussen Damiaan Deschrijver van Stan en Matthias de Koning van Discordia en vanaf daar werd het zwaan-kleef-aan. Ik kwam erbij toen we Onomatopee maakten en het idee om De Toverberg te bewerken werd de voorstelling We hebben een/het boek (niet) gelezen. Die hebben we vorig jaar als try-out gespeeld, deze winter gaan we daarmee verder en gaat hij in première. We hebben het over de groep als ‘de jongens’, en zo noemen we onszelf nog steeds, zelfs nu Sara De Roo erbij zit.”

“In zekere zin is het een groep van ‘tweede mannen’. In de collectieve theatergroepen wordt toch één iemand al snel het gezicht. Maar daar achter staat altijd een tweede man, een aangever. De harde werker. Matthias is dat achter Jan Joris Lamers bij Discordia, Gillis Biesheuvel achter Oscar van Woensel bij Dood Paard, zelfs Damiaan is de tweede man van Stan, achter Frank Vercruyssen. Alleen bij Peter van den Eede gaat het mis. Maar verder is het een emancipatiebeweging van tweede mannen.”

“Ik ben zelf natuurlijk ook een tweede man, ben een aangever. Ik draag veel materiaal aan, maar ik heb sterk de behoefte aan iemand met wie ik de knopen doorhak. Ton had die rol natuurlijk heel lang. Gerardjan Rijnders deed dat bij Bazel en nu Lineke bij Hannah & Martin. Iemand die beslissingen afdwingt.”

“Vanaf mijn jeugd heb ik al een fascinatie voor tweede mannen. Mensen als Molotov, de Russische minister van buitenlandse zaken onder Stalin die tussen alle zuiveringen door zijn positie behoudt; of de rol van Robert Duvall in The Godfather. Mijn eindscriptie bij Duits gaat dan ook over Egon Krenz, de eeuwig opvolger van Erich Honecker in Oost Duitsland. De man die het jeugdige elan moet vertegenwoordigen tegenover de bejaarde communistische partij.”

Wat ga je eigenlijk doen na je studie?

“Ik ben nog niet klaar! Ik studeer in deeltijd, dus ik doe er lang over, maar ik wil dit jaar afstuderen. Duits is een heerlijke kleine vakgroep met in totaal twintig studenten, dus je kunt er dingen regelen. Mijn eindscriptie over Krenz wordt dan ook geen nota, maar een toneelmonoloog, in het Duits, begeleid door een universitair docent Duits, Carla Dauven, samen met Gerardjan Rijnders. Van Carla moet het semi-wetenschappelijk onderbouwd zijn, dus ik lees veel over het postcommunisme van Peter Sloterdijk, Heiner Müller en Günter Schabowski, de man die met zijn onhandige persconferentie de Berlijnse muur opende.”

“Het is erg jammer dat Theo Kramer inmiddels weg is, ik heb nog net college van hem gehad. Ik kon echt ontroerd raken over de bevlogenheid van die man. Ik had hem gevraagd om nog één keer zijn enthousiasme voor De Toverberg over te brengen op de groep acteurs met wie ik het aan het bewerken was. Maar hij deed het niet, hij was gepensioneerd en had er genoeg van. Mijn God, dacht ik toen, ook daarvan kun je genoeg krijgen… Toen heb ik dat verhaal maar opgenomen in de voorstelling. Maar die studie is ook heel veel grammatica, hoor.”

“Vanaf 1 januari ga ik in dienst bij De Koe. Ik wil de warmte van een groep, van het gesprek met andere makers over wat we belangrijk vinden om te maken. Het had misschien ook een andere groep kunnen zijn, maar Peter van den Eede was de eerste die me een concreet aanbod deed. Bovendien had ik al veel met hem geschreven aan Onomatopee en De Toverberg. De Koe heeft een artistiek team van vijf mensen, maar we hebben in de laatste subsidieronde in Vlaanderen te weinig geld gekregen, dus ik kan nu drie jaar lang een half jaar in dienst. Dus het is niet helemaal de gedroomde familie.”

“Met De Geit stond ik tijdens Het Theaterfestival voor zevenhonderd man in de Stadsschouwburg in Amsterdam. Voor mij was het voor het eerst dat dat ik voor zoveel mensen speelde. Dat gaf zoveel opwinding dat ik er na de eerste avond niet van kon slapen. Met een groep mensen op die manier spelen geeft een mooie warmte, maar het is kortstondig. De voorstelling is nu afgelopen. Dat is een ander soort warmte van die van een groep, met wie je een doorlopend gesprek hebt over de politieke implicaties van je werk; over wat je nu wilt maken.”

Is er met betrekking tot die politieke implicaties nog een verschil tussen Nederland en Vlaanderen?

“Ik krijg de indruk dat in Vlaanderen op artistiek gebied meer mogelijk is. Er is meer belangstelling voor de uitbreiding van de mogelijkheden van wat er in een zaal tussen mensen allemaal kán. En het publiek is er meer op de hoogte van die ontwikkelingen. In Vlaanderen bestaat het besef nog dat je je moet verdiepen.”

“Maar zowel in Nederland als in Vlaanderen is het opvallend hoe enorm de invloed van de economie op de kunst is geworden de afgelopen twintig jaar. Kunst is meer en meer onderhevig aan marktmechanismen, zelfs als in die kunst die mechanismen aan de kaak worden gesteld. Daar gaat Bazel over. Over mijn teleurstelling dat al die kunst, ook als die reflecteert of ageert, gevangen is in het spel van hebben en verkopen. Terwijl ik met een heel ander idee ben opgevoed.”

“Ik hoor het meer en meer in de gesprekken over wat er volgend seizoen gespeeld moet worden: “Dat interesseert niemand”. En dat is een argument om iets níet te doen. Tien jaar geleden was dat nog een argument om het wél te doen. We zeiden: we zórgen ervoor dat het ze interesseert. Oppervlakkigheid is ook gewoon een inhoud geworden. Dat zie je ook terug in de politiek. Volgens mij komt dat omdat we niet meer hoeven op te passen om voor oppervlakkig te worden versleten. Er is geen alternatief meer. Na de val van de muur is alles alleen nog maar ‘het westen’. En geen andere kant meer waar je nog rekening mee moest houden.”

Voor je keuze voor De Koe heb je nog als zelfstandige theatermaker een subsidie aangevraagd bij het Superfonds. Wil je dat niet liever?

Het was nooit mijn idee om een solist te worden. Mijn redenering was dat naarmate de gezelschappen minder acteurs in dienst hebben er meer freelancers komen, ook freelancers met ideeën. Maar een eventuele samenwerking met een gezelschap kan maar van één kant komen, want alleen de gezelschappen hebben geld. Die situatie wordt anders als ook de freelancers een beetje geld krijgen om te besteden aan een project binnen een gezelschap. Een werkbeurs. Die aanvraag was in feite een voorstel voor zo’n werkbeurs, maar ze vonden dat het met mij wel goed ging.

Inmiddels is het aan het veranderen, er is het verschrikkelijke woord ‘rugzakje’ voor verzonnen en daar wordt nu over gesproken. Naar mijn mening moet dat een snelle aanvraagprocedure worden voor drie maanden salaris, voor de combinatie van het CV van de maker, commitment van een gezelschap en het basismateriaal voor een voorstelling. Het zou de beslissingen voor het soort projecten dat ik wil maken iets buiten de gezelschappen trekken en dat zou de dynamiek vergroten.

En hoe voelde het om op dat gala zo indirect geëerd te worden?

Het is leuk, vooral omdat het voor zulk divers werk is. In De Geit ben ik echt acteur, van Hannah en Martin heb ik het idee dat ik het zelf heb gemaakt. Ik was gestreeld die avond. Het is fijn om gewaardeerd te worden om wat je ambieert, om geëerd te worden om wat je misschien wel bent.

Hannah & Martin is op tournee t/m 19/12.

0 Comments »

No comments yet.

RSS feed for comments on this post. TrackBack URI

Leave a comment

This work is licensed under a Creative Commons Attribution-Noncommercial-Share Alike 3.0 Unported License.
(c) 2017 Simber | powered by WordPress with Barecity