Voorbeschouwing ‘Anna Karenina’ van Schauspielhaus Hamburg

Een halve blik, uitgewisseld op het station, een handdruk – en dan is het gebeurd: Anna Karenina en Graaf Wronski zijn voor elkaar gevallen. En dan zetten ze Sweet Dreams (are Made of This) in. “Everybody’s looking for something.”

De combinatie van 19e eeuwse literatuur met jaren ‘80 popmuziek, dat is de blauwdruk van de theatertrilogie die het Duitse theaterduo Barbara Bürk & Clemens Sienknecht de afgelopen jaren maakte. Drie voorstellingen waarin als een soort hoorspel het verhaal van de roman wordt verteld door het studiopersoneel van een radiostation, begeleid door top 2000-klassiekers en inclusief reclames en jingles.

Het eerste deel was een bewerking van Effi Briest (grofweg het Duitse equivalent van Eline Vere) en was in Nederland te zien in 2016 toen hun gezelschap Schauspielhaus Hamburg te gast was in het festival Brandhaarden. Daarna maakten ze nog Madame Bovary en nu is er Anna Karenina, dat komend weekend drie keer te zien is in het Holland Festival.

De vuistdikke roman van Tolstoj over de ongelukkige gravin Karenina en haar tragisch aflopende affaire wordt er vlot doorheen gejast, waarbij een krakerige plaat en een alwetende dj de situaties schetsen en de mensen in de studio steeds in een rol schieten en de verbinding leggen met de liedjes: Fresh van Kool & The Gang tijdens het feest waarop Wronski zijn voorgenomen bruid laat zitten, Sexual Healing van Marvin Gaye op het hoogtepunt van de affaire en The Message van Grandmaster Flash als sociale druk op de personages wordt opgevoerd. Ondanks de camp eindigt Anna overigens ook in deze versie onder de trein.

Voor degenen die Effi Briest gezien hebben: het decor (net als de kostuums ontworpen door Anke Grot) is dezelfde radiostudio, maar dan tien jaar later. De Perzische tapijtjes zijn vervangen door grijze vloerbedekking en de nepleren meubels door strak design. In de hoek staat een enorme kopieermachine.

Ook de bewoners van ‘Radio Karenina’ zijn stuk voor stuk raak getroffen. Wronski (Yorck Dippe) is zo’n man die ooit de geile zanger van een bandje was, en 20 jaar later en 20 kilo zwaarder nog steeds dezelfde kunstjes uithaalt. Sienknecht is het sullige manusje van alles, dat dan ook het versmaadde liefje Kitty speelt. (Na het feest grijpt Sienknecht de gitaar en zingt een magistrale mashup van ontelbaar veel songteksten over de liefde – dat alleen al is de gang naar de Stadsschouwburg waard.)

Bürk en Sienknecht werden voor Effi Briest geïnspireerd door A Prairie Home Companion, het beroemde muzikale radioprogramma uit America, waarover Robert Altman in 2006 de gelijknamige film maakte. “De presentator, Garrison Keillor, heeft een soort onderkoelde ontspannenheid die goed paste bij de manier van vertellen die we voor ogen hadden”, vertelt Bürk na afloop van een van de uitverkochte voorstellingen in Hamburg.

De twee makers kennen elkaar van hun gezamenlijke werk met de Zwitserse regisseur Christoph Marthaler (wiens nieuwste werk Tiefer Schweb ook op het Holland Festival te zien is). Sienknecht speelde en zong (“Ik voel me meer muzikant dan toneelspeler – het is prettiger als mensen zeggen: voor een muzikant kan hij aardig toneelspelen dan andersom.”) en Bürk was regie-assistent. Sinds 1995 zijn ze een stel, inmiddels met twee kinderen.

“We hadden vaker liedjesprogramma’s gemaakt”, vertelt Sienknecht, “Maar het probleem is dat je dan steeds alles opnieuw moet uitvinden. We zochten bestaand verhaal om ons werk structuur en houvast te geven.” Net als later bij Anna Karenina begonnen de acteurs bij Effi Briest met het verzamelen en repeteren van de songs. “Na drie weken hadden we zó veel liedjes en geen idee hoe we de roman erin moesten gebruiken.”

Van een serie was nog geen sprake. Bürk: “Aan het einde van Effi Briest wordt gezegd dat het een deel is uit een serie over de beroemdste slippertjes uit de wereldliteratuur en dat volgende week Anna Karenina aan de beurt is. Ik had het boek toen nog helemaal niet gelezen. Het begon als grap, maar toen we erover na gingen denken leek het ons eigenlijk heel vruchtbaar.”

Het knappe van Anna Karenina is dat ondanks het campy gebruik van muziek, de lichtzinnige omgang met Tolstoj en de foute kleren en pruiken de voorstelling nergens afstandelijk of cynisch wordt. Sienknecht: “We moesten op de muziek leren vertrouwen: dat ondanks de grappen en de beetje kitcherige aankleding dat het door de muziek altijd weer oprecht wordt.”

Anna Karenina is op 8, 9 en 10 juni te zien in de Stadsschouwburg – www.hf.nl

Recensie ‘Schiff der Träume’ van Deutsches Schauspielhaus Hamburg/Brandhaarden

Eindelijk kunnen de orkestleden afscheid nemen van hun geliefde dirigent, komt er ineens een groep Afrikanen het toneel over lopen. Het moment, vlak voor de pauze van de voorstelling Schiff der Träume van Schauspielhaus Hamburg is tegelijk een stevige breuk met het voorafgaande en tegelijk een zucht van opluchting.

Schiff der Träume is een van de vijf voorstellingen van Schauspielhaus Hamburg die nu in het kader van het festival Brandhaarden te zien zijn in de Stadsschouwburg Amsterdam. Regiseur Karin Beier, tevens intendant (artistiek leider) van het gezelschap maakt van de film E la nave va van Fellini uit 1983 een ‘Europees requiem’.

Een luxueus cruiseschip vol klassieke musici vaart over de Middellandse Zee, waar de as van hun even geliefde als tirannieke dirigent en componist moet worden verstrooid, op de klanken van zijn meesterwerk Human Rights Nr. 4. Aan boord spelen ze muziek, ruzieën ze en spelen ze geweldige slapstick rondom de urn.

Net als bij Fellini staat het schip symbool voor Europa, het bejaarde, decadente en navelstaarderige continent van oude cultuur en oude ideeën. Maar het interessante is dat Beier het idee serieus neemt dat ook haar Schauspielhaus zo’n droomschip is.

Vandaar dat de groep bootvluchtelingen die het cruiseschip uit zee oppikt gespeeld wordt door vijf Afrikaanse acteurs die in Duitsland spelen bij het kleinezaalgezelschap van regisseursduo Gintersdorfer & Klaßen. Meteen nadat ze opkomen nemen ze het toneel over met hun provocatieve en meer op het publiek gerichte stijl. “We zijn gekomen om jullie te helpen!”, zeggen ze nadat ze verteld hebben over de documentaires over Europese depressie en bevolkingsafname die ze in Abidjan hebben gezien.

Na de pauze komen de twee stijlen tot een soort synthese: opera en hiphopbattles, Pina Bausch en tango, dat werk. De lichte kitscherigheid wordt meteen omvergeworpen door de verschillende personages de drogredeneringen van progressieve mensen in het vluchtelingendebat tot in het extreme door te voeren. “Ik ben kunstenaar! Ik ben links!”

Aan het eind worden de Afrikanen door de purser van boord gebonjourd, er is een schip van grensbewaker Frontex gearriveerd. Dat maakt van Schiff der Träume een scherp statement over de omgang met andere culturen in de schouwburgen: ze mogen ons even vermaken, maar daarna moeten ze weer oprotten.

De gevolgen zijn volgens Beier (net als bij Fellini) ondubbelzinnig: het schip zinkt.

Maar al ruim voor de pauze kreeg ik overduidelijk de indruk dat de passagiers op het schip al lang dood zijn. Nog los van de urn die ze met zich meedragen als doel van hun reis maken ze spookachtige muziek op hun instrumenten en zeggen teksten als: “Dood zijn is moeizaam”, en “Je bent helemaal nog niet dood als je dood bent”. Halverwege zwemmen er hoog boven het toneel een paar vissen voorbij.

Een hevig cultuurpessimisme lijkt de rode draad in deze editie van Brandhaarden. De vier voorstellingen die tot nu toe te zien waren tonen versleten werelden met uitgebluste personages. Der Entertainer gaat over een afgegleden variétéfamilie en regisseur Christoph Marthaler zet op het podium van de schouwburg nóg een toneel, met nóg een familie losers met nóg foutere en stommere grappen.

In Schiff der Träume wordt datgene wat we in Europa vaak zien als bedreigend (vluchtelingen) gedraaid tot oplossing (“we komen jullie helpen”). Het is dezelfde truc die Michel Houellebecq toepast op de Islam in zijn laatste boek Onderworpen. Karin Beier zet het boek als lange monoloog op de planken (een absolute tour de force van toneelspeler Edgar Selge) als Unterwerfung en, ook al is het sardonische plezier van het boek meesterlijk omgezet in het spelplezier van Selge, ook hier staat de ineenstorting van de Europese humanistische traditie centraal.

Ook de beste en vrolijkste van de Brandhaardenvoorstellingen tot nu toe – Effi Briest – stemt uiteindelijk toch niet hoopvol. Het melodramatische boek van Fontane uit 1894 (jonge getrouwde vrouw heeft korte affaire, wordt jaren later zwaar gestraft) wordt verteld in een jaren zeventig radiostudio, waar de bewoners prachtige coverversies zingen van top 2000-hits. (De enorme muzikaliteit van de toneelspelers uit Hamburg is een ander leidmotief.) Maar uit al die liedjes, van God only knows tot Kiss blijkt dat onze liefdesmoraal in die kleine eeuw niet echt is veranderd.

Zo biedt deze dwarsdoorsnede aan Duits theater vooral eindtijdtoneel: mensen die worden verzwolgen door de wereld en als levende doden terugkijken op hoe het heeft kunnen gebeuren.

Schiff der Träume van Deutsches Schauspielhaus Hamburg. Gezien 26/2/16 in de Stadsschouwburg ihkv Brandhaarden. Brandhaarden duurt nog t/m 3/3. Meer info op www.ssba.nl/brandhaarden.

This work is licensed under a Creative Commons Attribution-Noncommercial-Share Alike 3.0 Unported License.
(c) 2018 Simber | powered by WordPress with Barecity