Selectie Theaterfestival

Theatergroep De Warme Winkel en theatermakers uit Vlaanderen, dat zijn de smaakmakers van het toneel in Nederland. Dat beeld wordt bevestigd als je naar de selectie van het Nederlands Theaterfestival kijkt. De jury, onder leiding van de ooit acterende schrijver Arthur Japin, maakte afgelopen zaterdag de tien voorstellingen bekend die zij de beste van het afgelopen seizoen acht en die in september tijdens het festival nog een keer te zien zijn in de theaters rond het Leidseplein.

De Warme Winkel is met twee voorstellingen uitgekozen: Alma (een beeldende performance over Alma Mahler) en Viva la naturisteraçion, een voorstelling over naturisme, waarin de vijf spelers voornamelijk naakt op het podium staan, een coproductie met De Utrechtse Spelen. Vooral de selectie van Alma is opvallend: de voorstelling werd drie jaar geleden gemaakt op Oerol, en was afgelopen herfst slechts twee in Nederland keer te zien. Je zou de uitverkiezing kunnen zien als beloning voor het groeiende aantal reprises in Nederland, waarbij succesvolle voorstellingen, later worden hernomen zodat meer publiek de kans krijgt ze te zien.

Daarnaast telt de selectie drie voorstellingen uit Vlaanderen: Bedrog van Stan, Disisit van Benjamin Verdonck en Bloed & Rozen van Het Toneelhuis en regisseur Guy Cassiers, een nieuw toneelstuk van Tom Lanoye over Jeanne d’Arc en Gilles de Rais. Cassiers beleeft na zijn befaamde Proust-cyclus een nieuwe artistieke piek: zijn marathonvoorstelling naar het boek De man zonder eigenschappen van Musil staat binnenkort op het Holland Festival en had in deze Theaterfestivalselectie zeker niet misstaan.

Naast Bedrog van Pinter is er nog meer modern repertoire te zien in september: het Ro Theater werd uitgekozen met Millers De dood van een handelsreiziger en de jonge regisseur Paul Knieriem werd geselecteerd met Bernhards Am Ziel, een productie van de Toneelschuur met Marlies Heuer in de hoofdrol.

Amsterdams succes is er voor de vrije producent Hummelinck Stuurman, die geselecteerd werd met Oom Wanja waarin onder anderen Pierre Bokma en Hein van der Heijden meespelen, in regie van Gerardjan Rijnders en Husbands van Toneelgroep Amsterdam. Die laatste keuze is opvallend, want pers en publiek leken dit seizoen andere voorstellingen van TA, zoals In ongenade of Na de zondeval hoger te waarderen dan Ivo van Hoves bewerking van de film van John Cassavates.

De laatste uitgekozen voorstelling is Bimbo van mimegroep Boogaerdt/Van der Schoot, een fascinerend akelige verbeelding van de ‘pornificatie’ van de samenleving. Theater als het krassen van nagels op het schoolbord en dus bij uitstek geschikt voor het Theaterfestival dat naast mooie voorstellingen tonen toch ook discussie wil oproepen.

De selectie overziend rijst het beeld van een evenwichtige, degelijke keuze. De jury koos geen kleine, obscure voorstellingen, en vergat geen grote hits – of het moest De prooi zijn van Het Nationale Toneel, de voorstelling over de val van ABM Amro die dit seizoen het meeste media-aandacht wist te genereren. Bezoekers die in september voorstellingen gaan ‘inhalen’ zullen weinig te klagen hebben over het niveau en de diversiteit van het Nederlandse theater.

Daar staat tegenover dat je zonder moeite een aantal voorstellingen kan noemen die ook in de keuze zouden passen, zoals Mahabharata van Marjolein van Heemstra of Krenz van Willem de Wolf. Het reflecteert een theaterseizoen waarin de kwaliteit zeer hoog was, maar échte uitschieters (te) schaars.

Daar moet bij gezegd worden dat die uitschieters, zeker in de grote zaal, opvallend vaak Vlaamse voorstellingen zijn. Naast de eerder genoemde Musil-cyclus van Cassiers hoorden wat mij betreft ook het onvoorstelbaar weirde Robo-a-Gogo van Wayn Traub en het megalomane 300 el x 50 el x 30 el van FC Bergman tot de hoogtepunten van het seizoen. Helaas zijn die voorstellingen maar één of twee keer in Nederland te zien. Onder druk van bezuinigingen en publiekseisen schuiven Nederlandse gezelschappen langzaam naar het midden, terwijl in België de zucht naar avontuur nog groter is.

Dezelfde jury die deze selectie maakte, beslist ook over de acteursprijzen Theo en Louis d’Or. De nominaties daarvoor worden binnenkort bekend gemaakt.

Het Nederlands Theaterfestival vindt plaats van 30 augustus t/m 9 september. Meer info op ww.tf.nl

Bij het afscheid van Arthur Sonnen

overig — simber op 28 augustus 2006 om 19:01 uur
tags: , ,

Zomer 2004 werd ik gevraagd om een column te schrijven voor een afscheidsbundel voor scheidend Theaterfestivaldirecteur Arthur Sonnen. Driekwart jaar later was die afscheidsbundel drie keer in andere handen overgegaan en eindigde het als Boekmancahier. Van mijn stukje geen spoor meer.

Toen ik hoorde dat dit boekje ter gelegenheid van het afscheid van Arthur Sonnen als onderwerp “de theaterbezoeker” meekreeg, moest ik toch even gniffelen. Want op enige consideratie voor het theaterpubliek heb ik Het Theaterfestival toch niet vaak kunnen betrappen. De afgelopen tien jaar is de publieke belangstelling voor het toneel flink gegroeid, maar van deze groei is op het festival bar weinig te merken. Integendeel. De selectie van voorstellingen die de festivaljury (en later de curator) presenteerde werd in Nederland lauwer en lauwer ontvangen, totdat afgelopen mei het dieptepunt werd bereikt: het kon niemand meer iets schelen. Arthur Sonnen maakte zijn festival voor een elitair publiek. Hij hield van dat elitaire publiek, van mensen die naar het theater gaan met de bedoeling daar wijzer van te worden. Hij was zich er zeer van bewust dat dit een kleine groep was maar verdedigde zijn visie hartsochtelijk tegen het idee dat theaterpubliek bestaat (of zou moeten bestaan) uit consumenten. Zijn ideeën -en die van de jury’s en curatoren die hij uitkoos- leidden tot een festivalselectie die steeds verder verwijderd raakte van smaak van het grotere toneelpubliek in Nederland. Bijvoorbeeld: in 1998 kon Hamlet van De Trust nog zowel de Grote Theaterfestivalprijs als de Gouden Gids Publieksprijs winnen. De afgelopen twee jaar is er geen enkele overlap meer tussen de festivalselectie en de publieksprijs-finalisten.

U zult wellicht verwachten dat ik als redacteur van een website die met enige overdrijving pretendeert het gesundes Volksempfinden op theatergebied te weerspiegelen blij zal zijn met het verscheiden van een zo elitair instituut als Het Theaterfestival. Zo eenvoudig is het natuurlijk niet. Ik ben erg gehecht aan het Theaterfestival, al heb ik er graag en veel op gescholden. De problemen zaten hem volgens mij vooral in de uitvoering. Het enthousiasme dat Arthur Sonnen altijd wist op te brengen voor de abstracties waarmee hij zijn festival omringde -het debat tussen Nederland en Vlaanderen; de wetenschappelijke verslaglegging van het jureringsproces; de verdediging van de kunst tegen de uithollende werking van het economische denken- leek ten koste te gaan van de wil en de noodzaak om een leuk en gezellig festival te organiseren. Bovendien kon hij de laatste jaren nauwelijks het enthousiasme van het theaterveld opwekken om van het jaarlijkse toneelfeestje méér te maken dan een verplicht nummer waarop met tegenzin werd meegedanst.

Het Theaterfestival heeft de laatste aanval van de onverschilligheid niet overleeft. Met Moose hebben we het overlijden van het festival herhaaldelijk aangekondigd en ik denk dat het beter is dat het verdwijnt. Bovendien is er nu al sprake van een wederopstanding: er is een potje geld, enkele schouwburgdirecteuren hebben zich al gemeld voor de uitvoering. Het nieuwe festival wordt leuker, die voorspelling durf ik wel aan. Maar waarschijnlijk wordt het een festival voor consumenten. Daarom zal ik het oude festival missen. De discussies in bijna lege zaaltjes; de enorme productie aan dikke publicaties met het eenvoudige geel kartonnen kaftje; de nieuwsgierigheid naar hoeveel van de geselecteerde voorstellingen je gezien hebt; en Arthur Sonnen zelf natuurlijk, die het allemaal “toch aardig” vindt. Ik hoop oprecht dat hij een nieuwe functie vindt in België of Duitsland, waar er bredere steun is voor hogere kunst. Over een aantal jaar zal hij ongetwijfeld een triomfantelijke rentree maken in de Nederlandse kunstwereld, met een buitengewoon zinvol initiatief, voor een elitair publiek. Ik kijk er nu al naar uit.

Simon van den Berg
Simon van den Berg is redacteur van theaterwebsite Moose (www.moose.nl)

This work is licensed under a Creative Commons Attribution-Noncommercial-Share Alike 3.0 Unported License.
(c) 2014 Simber | powered by WordPress with Barecity