Voor Bussemaker is alle kunst design

meningen,Parool — simber op 26 juli 2014 om 10:00 uur
tags: ,

Na een paar toespraken en interviews begon het op te vallen: minister Jet Bussemaker van cultuur heeft het wel heel erg vaak over ontwerpers. Jan Taminiau, Daan Roosengaarde, Rem Koolhaas zijn de kunstenaars die ze het meest noemt. Deze week stuurde ze haar beleidsbrief Cultuur verbindt: een ruime blik op cultuurbeleid naar de Tweede Kamer en blijkt dat in haar idee kunst net zoiets is als design: een instrument om problemen op te lossen.

Bussemaker trekt 1,7 miljoen uit voor projecten die cultuur verbinden met welzijn, zorg, sport en onderwijs. Bovendien gaat ze onderzoeken “hoe gemeenten cultuur in kunnen zetten bij de uitvoering van de nieuwe zorgtaken” (die ze krijgen toegewezen bij de decentralisatie van de AWBZ). In de brief geeft ze talloze voorbeelden van projecten die de gunstige invloed van de kunst aanwenden voor maatschappelijke doelen. Als klap op de vuurpijl wil ze meer onderzoek zodat de cultuursector wetenschappelijk kan onderbouwen wat werkt en wat niet.

Waar te beginnen om deze kluwen aan misplaatste ideeën te ontwarren?

Om te beginnen toont Bussemaker de typische PvdA-reflex om door middel van beleid kunst in te zetten voor andere doelen. Het is niet voldoende als er met kunstsubsidies kunst wordt gemaakt – nee, kunst moet helpen de leefomgeving te verbeteren, het welzijn te vergroten, jongeren of ouderen te ontwikkelen, etcetera. Daarbij doet ze net alsof een universele menselijke eigenschap als creativiteit het monopolie is van de cultuursector.

Het punt is: kunst is economisch en maatschappelijk van groot belang, maar dat is allemaal gelukkige bijvangst en niet het hoofddoel. De kunst vindt plaats ergens tussen het kunstwerk en de toeschouwer. Voor de een is het gezellig entertainment, voor de ander een diepe, levensveranderende ervaring, voor een derde een bevestiging van zijn of haar status. En het kan heel goed dat deze drie op dezelfde rij in het theater zitten of in dezelfde museumzaal rondlopen. In het individu krijgt kunst betekenis, en dat willen sturen in grote maatschappelijke bewegingen verkleint de reikwijdte van het kunstwerk. Dat is zonde.

Ten tweede zie je in de voorbeelden die Bussemaker geeft al talloze kunstenaars aan het werk die uit artistieke, commerciële of persoonlijke overwegingen samenwerking zoeken met andere maatschappelijke organisaties, van theatermaker Adelheid Roosen tot gamebedrijf IJsfontijn. Extra middelen vanuit de kunst zijn dus niet nodig. Sterker nog: juist vanuit de budgetten voor zorg en welzijn zou geld moeten worden vrijgemaakt. Dan kunnen ziekenhuizen of woningcorporaties diensten van kunstenaars inkopen als ze die nodig hebben. Dat houdt de onderlinge verhoudingen in ieder geval gelijkwaardig.

De cultuurgelden die nu worden toegekend aan dit soort initiatieven zullen ongetwijfeld terecht komen bij de netwerkorganisaties, artistieke aanjagers, ideeënmakelaars en cultuurbemiddelaars die nu als paddestoelen uit de grond schieten om de partners uit kunst, welzijn, zorg, sport, wetenschap, onderwijs en bedrijfsleven moeizaam bij elkaar te brengen.

De rijksoverheid heeft zich met de cultuurbezuinigingen hardhandig teruggetrokken uit het cultuurveld. Dat kun je goed of slecht vinden, maar minder geld moet ook minder sturing betekenen. Weg met de bedilzucht, laat kunstenaars zelf beslissen of ze willen bijdragen aan de zorg.

Een jaar of tien heeft de kunstsector gezucht onder het juk van het economische denken. Cultuurinstellingen probeerden –met het werk van de Amerikaanse econoom Richard Florida in de hand– te bewijzen dat kunstsubsidies hartstikke rendabel zijn. Nu moeten ze gaan aantonen dat kunst mensen gezonder, slimmer en gelukkiger maakt en wordt Alain de Botton de nieuwe goeroe: Art as therapy. Voor een light filosoof is dat prima, maar van een minister van cultuur verwacht ik dat ze beseft dat kunst meer is dan design. Dus graag binnenkort een net zo lange brief over de intrinsieke waarde van cultuur.

Opening TF

Gisteravond werd in de Stadsschouwburg het jaarlijkse Nederlands Theaterfestival geopend. Juryvoorzitter Arthur Japin kondigde een nieuw stipendium voor toneelschrijvers aan. De traditionele openingsspeech ‘De staat van het theater’ werd uitgesproken door Minister Jet Bussemaker van Cultuur. Ook Mark Rutte was present, zij het als personage van toneelschrijver Nathan Vecht en acteur Guy Clemens.

Vecht voert de minister-president op in het korte toneelstuk Een eerlijk mens, waarin Rutte een denkbeeldige speech houdt tot de kunstwereld, naar aanleiding van de toespraak die Ramsey Nasr hield tijdens de Mars der Beschaving, het kunstenaarsprotest tegen de bezuinigingen in 2011.

Rutte, door Clemens zonder fysieke gelijkenis maar met montuurloze bril en blauwe das goed neergezet, blijkt een closet-kunstliefhebber. Zijn assistent en speechschrijver (gespeeld door Sieger Sloot) weet precies hoeveel zetels verlies een foto met het Concertgebouworkest of een bezoekje aan de opera kost, maar stiekem gaat Rutte vaak ’s avonds met zijn geheime pasje naar het Mauritshuis om naar de meesterwerken te kijken, speciaal Het Puttertje van Carel Fabritius.

Rutte’s toespraak is een geestige en villeine ontleding van Nederlandse kunst, het land dat geen verbeelding voortbrengt, maar uitsluitend nut en handel. “Dit land kent geen noodzaak zonder nut”, zegt hij, verwijzend naar Nasr’s gedicht over de ‘nutteloze noodzaak’ van de kunst. Maar de kunst krijgt zelf ook nog een veeg uit de pan, omdat ze zich stilhield over Irak of asielprocedures, maar over beschaving begon toen de subsidies verlaagd dreigden te worden. “Dit land houdt niet van u, ontdoe u van uw ketenen en vertrek”, is zijn conclusie.

Minister Bussemaker kon het stuk wel waarderen en beloofde een uitvoering voor de ministerraad voor te stellen. “Mijn collega’s kunnen wel tegen een stootje.”

De minister hield een opvallend inhoudelijke toespraak over de verhouding tussen kunst en politiek. De vraag of kunst van waarde is voor de democratie beantwoordde zij met een volmondig ja. Ook zij toonde zich een eerlijk mens: meer middelen voor de kunsten zitten er de komende periode niet in. Wel gaat ze bij de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) een denktank opzetten om bij te dragen aan het publieke debat over kunst. Ook vroeg ze om ambassadeurs voor de kunsten: “Waar is de André Kuipers of de Robbert Dijkgraaf voor het theater?”

Juryvoorzitter Arthur Japin, verantwoordelijk voor het samenstellen van het programma van de tien beste theatervoorstellingen van het afgelopen seizoen, gebruikte zijn tijd om een nieuw fonds te introduceren: het TheaterTekstTalent Stipendium. Beginnende toneelschrijvers kunnen een bedrag aanvragen voor een nieuw te schrijven toneelstuk en er is ook geld beschikbaar om de nieuwe tekst opgevoerd te krijgen. Initiatiefnemer Joachim Fleury nam het idee over van het Engelse ‘Adopt a playwright’, in Nederland is schrijfster Maria Goos een van de juryleden. Het Prins Bernhard Cultuurfonds beheert het nieuwe stipendium.

TF Tips:

Viva la naturisteraçion van De Warme Winkel: vitale en beeldende voorstelling over naturisme, rauw en vol overgave gespeeld door de merentijds naakte cast. State of the art theater. (11-15 september in het Openluchttheater in het Amsterdamse Bos)

Topacteurs en goede vrienden Gijs Scholten van Aschat en Pierre Bokma spelen scènes van Shakespeare. Aan de hand van hun favoriete dialogen uit Richard III, Romeo en Julia en Hamlet laten ze zien hoe het ook kan. Eenmalige theatervoorstelling, en u krijgt er gratis een jaarabonnement bij op het nieuwe theatertijdschrift Scènes. (8 september, 16:00 uur in de Stadsschouwburg)

Somedaymyprincewill.com van Sadettin Kirmiziyüz: in de kleinezaalhit van het afgelopen seizoen vertelt Kirmiziyüz het verhaal van zijn zus over romatiek en integratie, met spetterende muziek van The Sadists. Nu twee maal in de grote zaal (11 en 12 september, Stadsschouwburg)

Hard Candy van Oostpool en Sonnevanck: één van de beste jeugdtheatervoorstellingen van het afgelopen seizoen, vond de jury. Gebaseerd op de gelijknamige film uit 2005 over de snel uit de hand lopende internetdate van een volwassen fotograaf met een veertienjarig meisje. (15+, 9 en 10 september in De Krakeling)

Het Nederlands Theaterfestival duurt nog t/m 15/9. Meer info op www.tf.nl

This work is licensed under a Creative Commons Attribution-Noncommercial-Share Alike 3.0 Unported License.
(c) 2019 Simber | powered by WordPress with Barecity