Recensie: ‘Emilia Galotti’ van Het Nationale Toneel

Ze ligt onder plastic, als een lijk. Maar ze is niet dood. Zodra het dek wordt opgetild heeft ze haar ogen wijd open en ze kijkt de zaal in. Keurend, ter verantwoording roepend. Het is Emilia Galotti, tragische heldin uit het gelijknamige burgelijk drama van Lessing uit 1772, een met name in Duitsland onverminderd populaire klassieker.

Regisseur Susanne Kennedy maakte naam met radicale en ongemakkelijke voorstellingen als The New Electric Ballroom en Over Dieren. Haar voorstellingen gaan over macht en geweld en hebben een kille, nare sfeer, maar zijn indringend, vol details en met superieure hand geregisseerd en vormgegeven. In september won ze de Erik Vos Prijs, de belangrijkste aanmoedigingsprijs voor jonge regisseurs.

Zoals in haar eerdere voorstellingen vertelt Kennedy ook in Emilia Galotti geen verhaal, ze brengt het stuk terug tot één situatie, een koortsdroom. De acteurs, geschminckt als versleten poppen zitten opgesloten in het decor dat het midden houdt tussen een gestileerde salon en een horrorkelder. De elementen van Lessing’s verhaal zijn aanwezig: het kuise burgermeisje Emilia komt op de dag dat ze zal trouwen de prins tegen, die als een blok voor haar valt en met list, bedrog en moord probeert haar te verleiden. Moet ze meegaan of haar eer en onschuld beschermen?

Kenmerk van bijna al Kennedy’s voorstellingen is de blik van de acteurs. Allemaal kijken ze vrijwel continu het publiek in, brutaal en uitdagend. Hoe wreed ze ook met elkaar omgaan, het publiek is getuige en dus medeschuldig. Als de prins eerst met één, dan met drie vingers Emilia’s mond penetreert maken ze beide van ons voyeurs, als een eerdere maitresse van de prins zich kleineert biedt ze zich ook aan ons aan. Maar bij alle beelden blijven de acteurs spreken op onaangedane en laconieke toon.

Die acteurs zijn overigens stuk voor stuk uitstekend, speciaal Tamar van den Dop als de afgewezen minnares, Xander van Vledder als ijzingwekkende kamerheer en Khaldoun Elmecky volmaakt beheerst als machteloze en willoze vader. Maar Çigdem Teke is het middelpunt, een actrice die in deze afstandelijke speelstijl de kolkende wellust, angst en pijn van Emilia in haar hele lichaam weet te suggereren.

Aan het eind is Emilia vermoord, maar nog niet dood. Naakt en rode verf lekkend loopt Teke over het toneel, nog steeds met die spottende, beschuldigende blik de zaal in. Door haar even oorspronkelijke als consistente oeuvre verandert Kennedy met die blik heel langzaam maar zeker de onze.

Emilia Galotti van Het Nationale Toneel. Gezien 4/11 in Den Haag. Te zien in Amsterdam (Frascati), 14-18/12. Meer info op www.nationaletoneel.nl

Recensie: ‘Vuile Handen’ van Theater EA

Eigenlijk wilde Sartre het stuk Crime Passionel noemen. Sartre schreef het direct na de Tweede Wereldoorlog en koos uiteindelijk toch voor de titel die het politieke aspect boven het romantische plaatste. Z’n beste stuk is het niet. De topzware plot, met raamvertelling en nogal wat overbodige bijrolpersonages, voelt iets te geconstrueerd. In de regie van Tarkan Köroglu wordt het een lange theateravond die veel doorzettingsvermogen vraagt van de toeschouwer, maar aan het einde toch nog verrast met een paar prachtige, spannende scènes.

Hugo is een idealistisch partijlid in een Oost Europees land tegen het einde van de oorlog. Hij wordt gewantrouwd omdat hij bourgeois is, maar weet toch een kans te krijgen om zijn loyaliteit te bewijzen: hij moet Hoederer vermoorden de leider van de partij. Hij gaat met zijn vrouw in Hoederers kamp wonen en wordt zijn secretaris. Maar Hoederer blijkt geen gevaarlijke verrader, maar een charismatische real-politiker die compromissen wil sluiten om de macht te krijgen.

De voorstelling gebruikt stijl van de film-noir, met veel tegenlicht, scherpe schaduwen zonder veel kleur en personages die de ene sigaret na de andere roken. De acteerstijl is uitgebeend, de acteurs bewegen weinig en praten des te meer.

Khaldoun Elmecky als Hoederer heeft met zijn zachte stem en rustige presence een vanzelfsprekend overwicht op de verder jonge en nogal wisselvallige cast. Vincent Rietveld en Joris Maussen zijn een lekker leep bewakersduo, maar Laura de Boer is te meisjesachtig om van de vrouw van Hugo een femme fatale te maken, terwijl juist zij aan het eind het verhaal in een stroomversnelling brengt. Erik van der Horst speelt een knappe rol als Hugo en weet ondanks het moeizame begin aan het eind nog genoeg energie mee te nemen voor de scherpe finale.

Want wat wordt het aan het eind na de lange aanlooptijd ineens een spannende confrontatie tussen Hugo en Hoederer, tussen de jonge, wilde acteur Van der Horst en de kalme Elmecky, tussen ideologische scherpslijperij en pragmatisme. Toch geeft juist deze scène aan dat het suk wel erg ouderwets is: de argumenten van Hoederer zijn anno 2007 veel sterker en Hugo voert een ongelijke strijd.

Het is de makers niet gelukt om het stuk nieuwe relevantie te geven voor een tijd waarin zelfs de SP niet meer tegen de NAVO en het koningshuis is. Ook bij Hugo is uiteindelijk niet de politieke ideologie doorslaggevend, maar de liefde. Had Sartre toch maar die andere titel gebruikt.

Vuile Handen van Jean-Paul Sartre door Theater EA. Gezien 26/4 in Het Compagnietheater. Aldaar t/m 11/5. Meer info op www.theaterea.nl

This work is licensed under a Creative Commons Attribution-Noncommercial-Share Alike 3.0 Unported License.
(c) 2019 Simber | powered by WordPress with Barecity