Recensie: ‘Gijsbrecht van Amstel’ van Het Toneel Speelt (2014)

Het was de 333e nieuwjaarsdag waarop het hemelse gerecht zich ontfermd leekt te hebben de benauwde veste van Gijsbrecht, en voor de 333e keer kwam de heer van Amstel bedrogen uit. Twee jaar geleden blies Het Toneel Speelt de jaarlijkse Gijsbrecht-traditie (een van de oudste theatertradities ter wereld) nieuw leven in, met een eenvoudige, strakke enscenering. Gisteren ging deze versie in reprise, met een aantal nieuwe acteurs.

De vormgeving en de nadruk op de tekst in deze regie van Jaap Spijkers zijn nog dezelfde als bij de première, met dezelfde goede en mindere kanten: de lichte bewerking van Laurens Spoor en Ronald Klamer maakt de rijke, maar ook veeleisende tekst opvallend helder en inzichtelijk en de acteurs doen recht aan Vondels verzen zonder dreinen. Het grote klappende vlak waarop de voorstelling zich afspeelt blijft een moeizame –en voor de acteurs penibele- abstrahering.

Maar de nieuwe acteurs brengen nieuwe accenten aan en dat is mooi om te zien. Jules Croiset als geestelijke weet met bronzen stem en welluidende dictie de traditie invoelbaar te maken en Petra Laseur maakt de rei van burgzaten (“Waar werd oprechter trouw…”) menselijk en zoet.

Het is echter nieuwkomer Marlies Heuer als Gijsbrechts vrouw Badeloch die de voorstelling hart en passie geeft. Haar Badeloch is zinnelijk en lichamelijk, en als ze aan het eind als alles verloren is zegt “geef me een zwaard, ik ben bereid te vechten”, dan geloof je haar meteen. Ze vormt een spetterende combinatie met Mark Rietmans memorabele Gijsbrecht; in een stuk waarin zo veel verteld wordt en zo weinig getoond, weten ze samen uit de classicistische taal twee echte mensen te boetseren.

Deze voorstelling is nog niet op –in deze uitvoering viel ineens op hoe bloederig de Gijsbrecht eigenlijk is– maar Het Toneel Speelt heeft niet de middelen om volgend jaar op 1 januari de traditie voort te zetten. Het lijkt er dus op dat de onzekerheid van de laatste decennia over het voortbestaan van de traditie weer terugkeert. Wie durft het aan om hem over te nemen?

Gijsbrecht van Amstel van Het Toneel Speelt. Gezien 1/1/14 in de Stadsschouwburg, aldaar t/m 4/1. Meer info op www.hettoneelspeelt.nl

Dresselhuysprijs voor Beppie Melissen

nieuws,Parool — simber op 19 maart 2008 om 10:58 uur
tags: , , ,

In Theater Bellevue is gisteravond na de voorstelling Gods Wachtkamer van Theatergroep Carver de Mary Dresselhuysprijs 2008 uitgereikt aan Beppie Melissen. Aan het eind van het applaus kwam een figuur naar voren met een oude-mensen-masker dat ook in de voorstelling werd gebruikt. Het bleek juryvoorzitter Petra Laseur 12.500 euro die Melissen overviel met een impromptu prijsuitreiking.

De Mary Dresselhuysprijs is van oorsprong een aanmoedigingsprijs voor jonge toneelspelers, in 1992 ingesteld door Joop van den Ende. Eerdere winnaars van de tweejaarlijkse prijs waren o.a. Jeroen Willems, Porgy Franssen, Sylvia Poorta en Jacob Derwig. Beppie Melissen (57) is de oudste winnaar tot nu toe.

De jury prees “de inzet en de volharding van Melissen waarmee zij haar geesteskind Toneelgroep Carver inspireert tot humoristische voorstellingen die vaak gaan over absurditeit van het leven en het onvermogen van de mens om daarmee om te gaan”.Mellissen was betrokken bij toneelgroep Caroussel en werd bij een groot publiek bekend door haar rollen in Jiskefet en Gooise Vrouwen.

Als persoonlijke noot voegde Laseur, dochter van Mary Dresselhuys, toe dat haar moeder een trouwe fan van het gezelschap was en dat ze de toekenning zeker gesteund zou hebben. Zelf is ze ook bewonderaarster: “Jouw toneel is voor mij helaas ‘een ander land’, ik heb die stijl van spelen nooit geleerd, maar ik heb er grenzeloze bewondering voor.”

Vervolgens overhandigde Laseur Melissen een sjerp, een penning ontworpen door Eric Claus en de cheque voor 12.500 euro. Het geld is volgens de regels bedoeld voor “verdergaande studie naar alle vormen van toneelspelen”, maar dat moet volgens Laseur ruim worden uitgelegd. “Als je in de keuken met een enorme afwas zit en je denkt: hoe kom ik verder? Dan is het antwoord: een nieuwe afwasmachine!”

De actrice die op het toneel altijd haar gezicht in de plooi heeft, onderging de verrassing met een grijns van oor tot oor. In een geïmproviseerd dankwoord noemde ze de huldiging “meesterlijk”, en bedankte ze Carver collega’s Leny Breederveld en René van ’t Hof, met wie ze haar manier van spelen ontwikkelde. Carver staat de laatst tijd wel meer in het zonnetje: Breederveld won afgelopen jaar de Johan Kaart Prijs en Van ’t Hof werd geëerd met de VSCD Mimeprijs.

Gods Wachtkamer is nog tot 30 maart te zien in Bellevue

Recensie: Alexander van Het Toneel Speelt

Parool,recensies — simber op 27 september 2006 om 08:27 uur
tags: , , , , ,

Willem Jan Otten is vooral bekend door zijn romans, zoals het met de Libris Literatuur Prijs bekroonde Specht en zoon. Maar daarnaast is Otten een productief toneelschrijver. Voor zijn nieuwe stuk Alexander baseerde hij zich op het leven van Alexander de Grote. We volgen de Macedonische vorst tijdens zijn veldtocht tegen het Perzië van koning Dareios. Bij de eerste veldslag neemt Alexander Dareios’ moeder, vrouw en minnares gevangen. Tegen de verwachtingen van zijn legerstaf in laat hij hen leven, terwijl hij tot aan Babylon toe verder jaagt op zijn grote vijand.

Otten schreef een stuk in vijfvoetige jamben dat druipt van symboliek. Grote kwesties als vrijheid en angst, geschiedenis en waarheid en de mogelijkheid van rechtvaardige oorlog stapelen zich op, naast verwijzingen naar de oorlog in Irak en christelijke symboliek. Hoewel het verhaal over de verwikkelingen en conflicten van Alexander en zijn oorlogsmakkers vlot verteld wordt, voelt de voorstelling al snel topzwaar door de overdaad aan thematiek. Als toeschouwer ga je ernaar verlangen de tekst nog eens rustig na te lezen, om de verschillende lagen en symbolen beter te begrijpen. Otten de toneelschrijver heeft zich te zeer laten meeslepen door Otten de romanschrijver.

Regisseuse Ira Judkovskaja, die met deze voorstelling debuteert in de grote zaal, maakte de verstandige keuze om niet de symboliek, maar het verhaal centraal te stellen. Vormgeving en spelstijl lijken de volheid en gelaagdheid van de tekst niet te veel in de weg te willen zitten. Met enkele sterke beelden -het uitstorten van emmers stenen over de speelvloer, het opzetten van een legertent- wordt de situatie neergezet, waarna de acteurs met verrassend gemak de poëtische tekst spelen.

Minder gelukkig is de keuze om de belangrijkste rollen te laten spelen door piepjonge acteurs, waarvan sommigen zelfs nog op de toneelschool zitten. Ze spelen zeker niet slecht, maar missen toch het gewicht om een voorstelling van dit kaliber te dragen. Vooral Kaspar Schellingerhout wordt in het begin nogal weggeblazen door Kees Boot en Mark Rietman, ervaren rotten in bijrollen. Rietman speelt overigens mooi een bulderende oude generaal wiens zoon sneuvelt, maar zit op momenten dicht tegen schmieren aan.

Speciale vermelding verdient Petra Laseur als de moeder van koning Dareios, die heen en weer geslingerd wordt tussen verdriet om haar zoon en bewondering voor diens vijand. Het is alleen zo jammer dat ze iedere keer in nieuwe lachwekkend lelijke jurken van glimplastic wordt gehesen. Dat doet toch afbreuk aan haar personage. De vormgeving kent meer van deze stevige missers, zoals de krakkemikkige maan op het achterdoek en de onfraaie grime. Het versterkt de indruk dat Alexander meer voor de leunstoel dan voor het toneel is gemaakt.

Alexander van Willem Jan Otten door Het Toneel Speelt. Gezien 26/9/06, Stadsschouwburg Amsterdam. Aldaar t/m 28/9 en van 31/10 t/m 2/11. Meer info op www.hettoneelspeelt.nl

This work is licensed under a Creative Commons Attribution-Noncommercial-Share Alike 3.0 Unported License.
(c) 2019 Simber | powered by WordPress with Barecity