Recensie: ‘Krapp’s Last Tape’ van Robert Wilson (HF)

Parool,recensies — simber op 14 juni 2015 om 21:38 uur
tags: , ,

Een keiharde donderslag opent Krapp’s Last Tape. Vervolgens klinkt zeker een kwartier zeer luid regengedruis in de Stadsschouwburg. Het decor ziet er echter uit als een bunker: donkere muren, met heel hoog bovenin een paar raampjes. Niet een plek waar je veel van de buitenwereld mee krijgt. Het noodweer zal dus wel een psychologische aangelegenheid zijn.

Krapp’s Last Tape is een van de minimalistische stukken waarmee Samuel Beckett in de jaren vijftig het theater naar een modernistisch nulpunt dreef. Plot, personages en handeling werden opgeofferd aan het vertonen van een absurde, wanhopige wereld gevat in uiterst precieze taal.

Krapp wordt zeventig. Ieder jaar op zijn verjaardag spreekt hij op een spoelenrecorder zijn gedachten over het afgelopen jaar in. Maar eerst luistert hij oude opnames. Zo is het stuk een subtiele dialoog tussen een man en zijn jongere zelf.

Het Holland Festival brengt dit jaar een versie van het stuk geregisseerd en gespeeld door Robert Wilson. De Amerikaanse avant-garde kunstenaar – die al talloze malen op het festival te gast was, het meest recent met The Life and Death of Marina Abramović in 2012 – heeft een esthetiek ontwikkeld die enigszins verwant is aan Beckett.

Als Krapp is Wilson een witgeschminckte clown, die in en uit het helwitte licht beweegt, met afgemeten, soms bijna robot-achtige bewegingen. In de beschrijving van Beckett is hij morsig en gammel, maar Wilson maakt van hem een bijna abstract sjabloon. Tijdens het onweer maakt hij een ujitgebreide, gestileerde act van het eten van twee bananen en herinnert ons eraan dat Beckett zijn werk het liefst gespeeld zag door variëté-artiesten. Als James Bond richt hij zijn getrokken banaan op het publiek. Geestiger wordt Beckett niet.

De tekst van het stuk is kort maar uiterst verdicht. Krapps dertig jaar jongere zelf vertelt over de dood van zijn moeder en over het falen van een relatie. De oudere realiseert zich dat hij daarna geen liefde meer heeft gekend.

Maar belangrijker dan dit melodrama is de immense afstand tussen de oude en de jonge Krapp die Beckett meesterlijk schetst. De oude moet sommige woorden opzoeken die de jonge gebruikt en hij ergert zich aan diens bombast en zelfvertrouwen. Door zo over zijn jongere zelf te oordelen als een ander persoon, plaatst Beckett ernstige vraagtekens bij het coherente zelfbeeld dat we zo graag van onszelf hebben.

Maar er stoort iets. In Krapp’s Last Tape zou je een vooruitwijzing kunnen zien naar een tijd waarin we allemaal ons geheugen en een gedeelte van onze persoonlijkheid uitbesteden aan zorgzame, geduldige machines. Voor Beckett was dat echter een autonoom, bijna solipsistisch proces. De voorstelling Intervention van Naomi Velissariou die vrijdag in première ging (zie recensie hiernaast) toont juist aan dat voor de hedendaagse mens de schizophrenie begint waar ons zelfbeeld botst op wat anderen over ons denken.

Holland Festival: Krapp’s Last Tape van Robert Wilson. Gezien 6/6/15 in de Stadsschouwburg. Meer info op www.hollandfestival.nl

Recensie: ‘Dreigroschenoper’

recensies — simber op 23 april 2009 om 11:30 uur
tags: , , ,

Oorspronkelijk geschreven voor en gepubliceerd op Cultureelpersbureau.nl

Het lijkt een merkwaardige combinatie: de Duitse schrijver en theatervernieuwer Bertolt Brecht –voor wie vorm volgt uit inhoud- en de Amerikaanse theatermaker Robert Wilson – die vorm boven alles stelt, maar Wilson’s Dreigroschenoper, nu vier dagen te zien in Het Muziektheater is een geslaagde overbrugging.

Het verhaal, over de crimineel Mackie Messer en zijn liefjes, wordt in Wilson’s strakke enscenering en beelden van dwingende eenvoud een grotesk circus van normaalgesproken verhulde driften. Het decor bestaat uit niet meer dan een paar sculpturen van tl-buizen en blauw gekleurde achterwand. Soms doen de acteurs niets meer dan van het podium oversteken, zoals in de schitterende openingsscène, waarin de hele dievenbende en hoerenkast voorbij komt, een parade van de onderwereld.

Door de verwijzingen in kostuums en grime naar Charlie Chaplin’s Tramp, Mefisto, Nosferatu en Metropolis plaatst Wilson het stuk radicaal in z’n eigen tijd, het vooroorlogse Duitsland. Overdreven, bijna clowneske mimiek en absurde geluidseffecten zijn vaak geestig, maar laten ook zien hoe besmet de beeldtaal van die tijd is. Er is maar weinig nodig –zwart kostuum, rood licht- om associaties met het nationaal socialisme te krijgen.

Voor het overige kiest Wilson echter nadrukkelijk voor tijdloosheid, maar Brecht’s scherpte prikt toch altijd nog door naar de actualiteit. De zin “Wat is het beroven van een bank vergeleken met het oprichten ervan” kreeg een lach uit de zaal (bij de daaropvolgende zin: “wat is het vermoorden van een mens vergeleken met iemand in dienst nemen” bleef het dan weer stil).

Zonder falen is deze voorstelling niet. De rol van Jenny komt niet helemaal uit de verf, mede door de de wat dunne uitvoering van Angela Winkler. Daardoor krijgt Christina Drechsler als Polly Peachum extra kans om te schitteren. Überhaupt klinkt het negenkoppige orkestje een beetje vlak. En waarom zijn er, als was het een concert, stiltes en black-outs tussen de nummers, zodat het stoperapubliek keer op keer automatisch gaat applaudiseren?

Maar juist de combinatie van de dwingende esthetiek van Wilson en de al even dwingende dramaturgie van Brecht en zijn compaan Kurt Weill zorgt voor prettig soort openheid. Zodat je ineens goed kunt zien hoe de Dreigroschenoper ook maar een moeizame combinatie van melodramatische boulevardopera en politiek pamflet is. Of andere tegenstellingen: de gezongen liefdesverklaring voor de foute man, het kamaradenlied van de misdadiger en de politieagent, de regelmaat in het hoerenbezoek, het imperium van bedelaars. Of de paralellen tussen Mackie Messer en het lijden van Christus. Goddank, een Brecht waarbij je zelf mag nadenken. Een zeldzaamheid.

Dreigroschenoper van het Berliner Ensemble. Gezien 22/4/09 in Het Muziektheater. Aldaar t/m 25/4. Meer info op www.gastprogrammering.nl

This work is licensed under a Creative Commons Attribution-Noncommercial-Share Alike 3.0 Unported License.
(c) 2019 Simber | powered by WordPress with Barecity