Recensie: ‘Schuur’ van Dood Paard

Parool,recensies — simber op 19 april 2007 om 08:19 uur
tags: , , ,

De voorstelling Schuur past mooi in twee hokjes. Het is het derde deel van een serie voorstellingen die Dood Paard maakte over de huidige staat van Nederland, waarvan de eerste delen –Zelfportret en Eco– deze weken onder de verzamelnaam Stock Nederland in Frascati staan. Daarnaast is het een nieuwe tekst van toneelschrijver Rob de Graaf, zijn derde al dit seizoen en na Ahab en het prachtige Vrede opnieuw een uitstekende aanwinst voor zijn oeuvre.

In Schuur, dat al eerder op Terschelling tijdens het Oerol festival speelde, is als in Vrede de dood van een bekende het onderwerp. Het hippe stel Ruprecht en Thalassa ruilde hun grachtenpandje in de stad in voor een waddeneiland, en meet zich meteen maar een veganistische levensstijl aan. Maar de verhuizing is niet alleen een gril, maar ook een vlucht. Na een lange dronken avond bij hen thuis reed een vriendin van hen zich te pletter en de schuld en schaamte dreven hen naar deze afgelegen plek.

Zo ver mogelijk van elkaar verwijderd op de designmeubels in hun tot woning verbouwde schuur storten ze in een bitter duet verwijten over elkaar uit. Een kleurrijk graffiti kunstwerk kijkt op hen neer. Het is een uitgebeende vorm van acteren die Oscar van Woensel en Manja Topper hier laten zien, maar wat een scherpte en concentratie weten ze te geven aan de poëtische vuistslagen. “Ons wereldbeeld wankelt omdat alles anders wordt als er echt iemand dood is en je je moet afvragen of je daar schuld aan hebt.”

Thalassa koestert nog een verlangen naar duidelijkheid, verlangt nog naar een ideologie, iets om zonder voorbehoud in te geloven. Vroeger was ze extreem links en geloofde ze in Pol Pot en Ulrike Meinhof, maar uiteindelijk koos ze voor pragmatisme en hield ze zich voor een stadsdeel bezig met “hangjongeren, begrotingstekorten en bejaardenzorg.” Ruprecht is cynischer en berust in het noodlot.

Qua engagement zijn de laatste voorstellingen van Dood Paard vergelijkbaar met de Mightysociety serie van Eric de Vroedt, maar Dood Paard is bozer en persoonlijker. De combinatie van De Graaf en Dood Paard werkt zo goed omdat de beschouwende manier van formuleren van de De Graaf’s personages naadloos past bij de afstandelijke speelstijl van de groep. Het levert lucide theater op, waarin de makers met minimale middelen nietsontziend onze maatschappij beschrijven. De Graaf en Dood Paard zoeken daarbij niet naar de de politieke dimensie, maar naar de individuele verantwoordelijkheid.

Schuur van Dood Paard. Gezien 18/4/07 in Frascati. Aldaar t/m 21/4, tournee t/m 19/5. Meer info op www.doodpaard.nl

Recensie: Eco van Dood Paard

Parool,recensies — simber op 3 november 2006 om 09:12 uur
tags: , , ,

“Creatieve industrie” is een modeterm die nu ineens overal in de culturele sector opduikt. Het is een verzamelterm voor reclamemakers, webdesigners, televisieproducenten en andere ondernemers met banden met de kunst. Eco, het nieuwe stuk van toneelschrijver Oscar van Woensel, onderzoekt hun motieven; het wordt een harde afrekening.

Acht mensen vergaderen over het shopping culture leisure dome resort EcoVille, een groots, ecologisch bouwproject in het Groene Hart van Holland. Conceptontwikkelaars, marketing consulentes, creatieve adviseurs en hun advocaten en financieel adviseurs moeten brainstormen over een naam en een slogan. De vier Dood Paard-acteurs Kuno Bakker, Gillis Biesheuvel, Manja Topper en Oscar van Woensel spelen ieder twee personages: één aan de modieuze vergadertafel, en met een snelle wisseling van design-bril de ander op een televisiescherm.

EcoVille is een prestigieus project met internationale uitstraling en daarom is het uiterst belangrijk dat iedereen Engels spreekt, ook al beheert niemand die taal goed en is iedereen eigenlijk Nederlands. Het hele stuk lang spreken de deelnemers soort steenkolenvariant met iets te letterlijke vertalingen zoals “I can be short from stuff” en verhaspelingen als “time is flying”.

De combinatie van flitsende rolwisselingen en taalmishandeling is erg grappig, maar de voorstelling heeft een onheilspellende ondertoon.Want de utopische ideeën van de creatieven hebben nare trekjes: moslims zijn niet welkom in EcoVille -“We have to guarantee a violence and aggression free world”- net zo min als mensen zonder credit card.

De voorstelling eindigt met de personages in een bijna religieuze vervoering over hun visioenen voor EcoWorld: “Een wereld waar je geluk inademt/We have plenty of splendid restaurants”, zegt de een, een ander: “Een gigaomzet/zonder winstoogmerk”.

Maar is de voorstelling nu méér dan een sarcastisch commentaar op Nederlandse vergadercultuur, of op semi-culturele ondernemers die idealisme als middel gebruiken om geld te verdienen of op populistische politici die van Nederland een overzichtelijke parkstad willen maken met groene weilanden en witte mensen?

Ik krijg de indruk van niet. Oscar van Woensel is een consequente moralist, die gelooft in heldere tegenstellingen, bijvoorbeeld tussen idealisme en geld verdienen of tussen kunst en commercie. Dat klinkt enorm ouderwets in deze liberale tijden, maar het portret dat hij hier van Nederland schetst -hoe overdreven ook- is pijnlijk en haarscherp.

Het zijn a-modieuze ideeën die Dood Paard hier naar voren brengt, maar juist het eigenzinnige engagement van de groep is buitengewoon waardevol als tegenstem tegen de heersende ideologie.

Theater Eco van Dood Paard. Gezien 2/11/06 in De Brakke Grond, aldaar t/m 4/11. Tournee t/m 15/12. Meer info op www.doodpaard.nl

Recensie: ‘Zelfportret; dat kan geen toeval zijn’ van Dood Paard

Parool,recensies — simber op 28 augustus 2006 om 18:15 uur
tags: , ,

Dood Paard heeft -onterecht- de reputatie een nogal weerbarstig en arrogant clubje theatermakers te zijn, maar dit keer doet het gezelschap echt zijn best om zich van zijn meest toegankelijke te laten kant zien. Het publiek mag aanschuiven bij een diashow van de kernleden van het gezelschap, Kuno Bakker, Manja Topper en Oscar van Woensel en krijgt bier en toastjes met brie. De dia’s worden aan het begin uit een bolhoed getrokken en met zorgvuldige willekeur in de slee gedaan.

Sommige dia’s zijn jeugdfoto’s van de drie acteurs, andere zijn krantefoto’s, op weer andere staan vragen uit een inburgeringscursus, maar er komt ook een prent van Don Quichotte voorbij, een foto van Beatrix en Claus, vakantiefoto’s uit Mexico, New York, Maleisië en Berlijn en foto’s van de jonge kinderen van de acteurs. De dia’s zijn aanleiding voor gedachten, bespiegelingen, korte scènes, geluidsfragmenten en slap geouwehoer waarbij het publiek betrokken wordt.

De toon is gemoedelijk en nostalgisch, maar het wordt snel duidelijk waar Dood Paard heen wil. De gesprekken naar aanleiding van de inburgeringscursus (waarin de cursist bijvoorbeeld moet weten dat in een Nederlandse voortuin slechts één afvalbak geaccepteerd is en lege bierblikjes niet mogen) leiden steeds tot desoriëntatie, alsof de acteurs niet weten of ze wel bij dit land willen horen.

Zoekend naar een beter passende identiteit komen ze uit bij hun jeugd en hun familie. Hun herinneringen hangen samen met een andere tijd, van autoloze zondagen, krakers en vredesdemonstraties. Wat opvallend genoeg ontbreekt in de persoonlijke dia’s zijn beelden van de theatercarrière van de drie makers. Ze zijn nu achter in de dertig en maken hun halve leven samen voorstellingen. Vermoedelijk heeft hun identiteitscrisis ook vat op hun kunstenaarsschap. Het is jammer dat ze dat in de voorstelling buiten beschouwing laten.

De voorstelling duurt te lang en niet alle fragmenten zijn geslaagd, maar weet toch te overtuigen. Door hun persoonlijke openhartigheid in dienst te stellen van politieke vraagstukken wordt hun onbehagen inzichtelijk en herkenbaar.

Theater Zelfportret; dat kan geen toeval zijn van Dood Paard, van en met Kuno Bakker, Manja Topper en Oscar van Woensel. Gezien 20/4/06 in Frascati. Aldaar t/m 28/4, tournee t/m 10/6. Meer info op www.doodpaard.nl

This work is licensed under a Creative Commons Attribution-Noncommercial-Share Alike 3.0 Unported License.
(c) 2019 Simber | powered by WordPress with Barecity